top of page
  • Foto van schrijverSara-Maria Smit

Ondanks het verdriet dat ik niet getrouwd ben, voel ik me dankbaarder dan ooit

Ik ben jarig geweest deze maand. Ik werd 28, zo’n nietszeggende leeftijd. Wat denken mensen bij 28? Ik denk van alles, maar vooral denk ik: nog twee jaar. Het slaat nergens op, dat weet ik ook wel. Ik heb er ook geen zin in dat mensen om me heen dat gevoel willen gaan sussen – zo van “Meid, je bent nog jong!”. Dertig worden is een grote grens in mijn hoofd en dat is niet omdat ik jong wil blijven.


Ik wist als jong meisje al dat ik niet eerst ‘een eigen leven’ wilde voordat ik zou trouwen, of dat ik niet ‘eerst nog even wilde reizen’ voordat ik moeder zou worden (zoals ik dat om me heen vaak genoeg van anderen hoorde). Mijn moeder trouwde op haar negentiende met haar jeugdliefde en hoewel de monden om me heen wel eens openvielen wanneer ik dat vertelde, wilde ik niets anders dan zoiets als wat mijn ouders hadden (en nog steeds hebben). Het klinkt nu belachelijk in mijn oren, maar ik zei altijd: ik ga trouwen op mijn negentiende. Toen ik eenmaal mijn negentiende levensjaar gepasseerd was, wist ik dat het niet zó simpel was. Ik verzachtte mijn stelling en zei: in ieder geval voor mijn dertigste! Dat leek ver genoeg en heel erg haalbaar. God had tenminste tien jaar de tijd om iemand op mijn pad te brengen…


Ik ben nog steeds datzelfde meisje dat er niet voor kiest om ‘nog even te wachten’, maar wat ik anderen verweet, deed ik uiteindelijk zelf ook. Namelijk: ik dacht zelf wel even te kiezen. Niet dat het erg is om als meisje te verwachten dat je eens zult trouwen. Ik geloof nog steeds dat dat Gods ‘normale weg’ is in een mensenleven. Maar, hoewel ik dacht dat ik heel bewust een Bijbelse keuze maakte, besefte ik te weinig dat ik niets voor het kiezen had (Spr. 16: 9).


God leidt mijn leven en dat doet Hij goed. Hij kan niet anders dan goed, want Hij ís goed. Ik had nooit gedacht me af te moeten vragen of ik ooit nog zou trouwen, maar het gekke is: hoewel ik er verdriet om heb (en geloof me: dat heb ik echt), voel ik me vandaag dankbaarder dan ooit.


Mijn 28e levensjaar begint zoveel anders dan ik dacht dat het zou zijn: ik ben single, inwonend bij mijn ouders, zonder rijbewijs en zonder ook maar enige rooie cent. Daar baal ik best wel eens van, mag je weten. Tegelijkertijd heb ik ook zoveel zegeningen ontvangen die ik nooit dacht te ontvangen voor mijn dertigste, zoals überhaupt het feit dat ik nu een column voor Cvandaag aan het schrijven ben (en dan spreek ik nog niet eens over de ontelbare zegeningen die ik normaal acht). Dat meisje dat met zekerheid zei dat ze op haar negentiende wilde trouwen, zag de toekomst niet altijd zo rooskleurig in. Sterker nog: ze zag er tegenop en wilde niet. Vreugde zit niet in omstandigheden. Depressie ook niet.


Ik geloof, en heb ondervonden, dat je het eens kunt zijn met Gods plan en tóch verdriet kunt hebben om wat je mist. Ik geloof dat je tranen kunt hebben om onvervuld verlangen en tegelijkertijd tranen van dankbaarheid. Ik geloof dat je kunt blijven kloppen aan Gods deur en tegelijkertijd de zaak in Zijn handen leggen en laten. Ik geloof dat je kunt klagen en danken tegelijk (zoals in Klaagliederen 3).


Want wat is mijn enige troost? Dat ik niet van mezelf ben.

En wat is mijn enige vreugde? Dat God mijn Deel is, mijn zalig lot! (Klaagl. 3: 24)

Nee, geen dooddoener: dit is het echte leven.


Nog twee jaar tot mijn dertigste, maar wat heerlijk om te weten dat, hoe die jaren ook zullen zijn: ik zal van Hem zijn en Hij van mij. Zijn plannen zijn groter dan mijn dromen (Rom. 8: 28).




544 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page