• Sara-Maria Smit

Hoofdbedekking | Is mijn haar niet mijn bedekking?

Onderstaand stukje is een hoofdstuk uit 'De hoed en de rand' , een boekje dat ik samen met Ds. Klaassen schreef over 1 Korinthe 11. Het boekje is ook te bestellen via mijn website.



Is mijn haar niet mijn bedekking?


Veel mensen denken dat Paulus in 1 Korinthe 11 niet spreekt over een hoofdbedekking óp het haar, maar over het haar zelf. In vers 15 zegt hij namelijk: "Maar als de vrouw lang haar draagt, is het voor haar een eer, omdat het lange haar als een bedekking aan haar gegeven is.". Toch is het om verschillende redenen onwaarschijnlijk dat Paulus dit bedoelde als hij spreekt over het dragen van een hoofdbedekking. Laten we nog eens kijken naar de tekst (1 Korinthe 11). Als je de tekst namelijk goed leest, kom je erachter dat het haar wel ‘een bedekking’ is, maar dat dit niet hetzelfde is als het ‘teken van gezag op het hoofd’ waar hij in vers 10 over schrijft.


Paulus noemt de natuurlijke bedekking - je haar - eigenlijk als een argument voor het dragen van een hoofdbedekking. Kijk maar eens naar vers 5 en 6, waarin hij zegt dat het schandelijk voor de vrouw is om te bidden of profeteren zonder bedekking op haar hoofd, ‘zoals’ het schandelijk is voor een vrouw om kaalgeschoren te zijn’. Deze vergelijking maakt duidelijk dat een vrouw zonder hoofdbedekking voor hem gelijk staat aan een kaalgeschoren vrouw: een schande in die tijd. Hij kan dus moeilijk hetzelfde bedoelen als hij het haar als een voorbeeld gebruikt. Kijk ook maar eens naar vers 6: “Want als een vrouw het hoofd niet bedekt heeft, laat zij zich dan ook maar kaalknippen.”. Als de bedekking hier het haar is, dan zou er eigenlijk dit staan: “Want als een vrouw zonder haar is, laat zij zich dan ook maar kaalknippen.”. Dat zou niet heel erg logisch zijn…


Als je de Griekse tekst van het Nieuwe Testament bekijkt, zul je zien dat er twee verschillende woorden worden gebruikt voor bedekking. Wanneer Paulus spreekt over de hoofdbedekking gebruikt hij altijd het woordje ‘akatakaluptos’ [ἀκατακαλύπτῳ] (tot en met vers 13), maar wanneer hij in vers 15 spreekt over het haar als bedekking, gebruikt hij ineens een ander woordje, namelijk ‘peribolaion’ [περιβολαίου] ! Zelfs zonder kennis van het Grieks zul je begrijpen dat dit opvallend is. Blijkbaar wil Paulus het haar als bedekking onderscheiden van de hoofdbedekking als macht op het hoofd.


Er is nog iets dat er op wijst dat Paulus met de hoofdbedekking niet het haar zelf bedoelt. In vers 15 zegt Paulus dat het lange haar voor de vrouw ‘een eer’ is. Eerder legt hij de hoofdbedekking uit als een ‘teken van gezag’. Hoewel deze twee niet tegenover elkaar staan, is het wel makkelijker uit te leggen wanneer de bedekking van het haar juist tot eer van de vrouw is, en de bedekking bovenop het haar laat zien dat zij de ‘heerlijkheid’ (of eer) van de man is. De ene bedekking wijst als het ware naar de vrouw toe, terwijl de andere bedekking juist van de vrouw af wijst naar de man!

 

Weet je wat er staat in 1 Korinthe 11? Het is een klein stukje, waar ik de afgelopen jaren heel veel over nagedacht heb. Soms krijg ik er vragen over en deze beantwoord ik graag. Heb je nog meer vragen, dan kun je die altijd stellen onder dit bericht of privé door middel van een contactformulier!


Liefs en sjalom,


Sara-Maria






171 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven